Vermoeidheid

Veel mensen hebben in hun leven wel eens te maken met een periode van moeheid: je voelt je minder fit en hebt weinig energie. Meestal gaan deze klachten na een tijdje vanzelf over.

Moeheid kan door veel verschillende oorzaken komen, soms is dit door een duidelijke oorzaak, maar in veel gevallen zijn er meerdere dingen tegelijkertijd waardoor de moeheid ontstaat. Ook kan de oorzaak van de moeheid onduidelijk blijven. Meestal is het evenwicht verstoord tussen de dingen die je aankunt om te doen en de dingen je moet doen.

Voorbeelden van dingen die ervoor kunnen zorgen dat je vermoeid bent zijn bijvoorbeeld problemen thuis of op je werk, of problemen met je studie. Maar ook rouw, door iemands overlijden of andere grote gebeurtenissen of zorgen over geld zijn voorbeelden van mogelijke oorzaken. Als je veel piekert, je bent angstig, gespannen of somber kan dit kan zorgen voor een vermoeid gevoel.

Als laatste voorbeeld van mogelijk oorzaken van vermoeidheid is ongezond leven: je beweegt te weinig, je eet ongezond of gebruikt alcohol, drugs of je rookt.

 

Wat kan je zelf doen?

Je kunt nagaan of je één van de bovengenoemde mogelijke oorzaken van vermoeidheid bij jezelf herkent en kijken wat je hieraan kunt doen.

Probeer gezonder te leven:

  • Probeer meer te bewegen
  • Eet gezond
  • Als je rookt, probeer dan te stoppen met roken
  • Ben je te zwaar, probeer dan af te vallen
  • Drink geen alcohol
  • Als je drugs gebruikt, probeer dan te stoppen
  • Doe dingen waar je blij van wordt of die je energie geven.
  • Zoek steun bij iemand waarbij je je vertrouwd voelt.
  • Probeer te ontspannen, je kunt oefeningen doen om te ontspannen.
  • Als je slecht slaapt, kun je je slaapgewoontes verbeteren.
  • Als je problemen hebt op je werk of thuis, praat er dan over met een vriend of collega en kijk of je de problemen kunt oplossen.

 

Wanneer bel je je huisarts:

  • Als je naast de vermoeidheid nog last hebt van andere klachten zoals:
  • Je zweet ’s nachts veel meer dan normaal,
  • Je hebt veel minder eetlust dan normaal,
  • Je hebt gewicht verloren zonder dat je dit wilt,
  • Je ontlasting is veranderd,
  • Je bent benauwd/buiten adem als je weinig doet,
  • Je hebt veel dorst of moet veel plassen,
  • Je hebt last van een snelle of onregelmatige hartslag,
  • Je voelt je heel somber of heel gespannen.
  • Als de klachten van vermoeidheid na één maand niet verminderen.